Johan

Treinen

Swingen tot morgenvroeg

TREINEN
(J. Verminnen)

Langs sporen en seinen rijden de treinen
langs tuinen vol sla
Langs wasgoed en lijnen zie je ze rijden
zichzelf achterna
Om dan te verkleinen en te verdwijnen
één stip en dan weg
Op de grote lijnen zijn al de treinen
altijd onderweg

Langs bruggen en grenzen voeren zij mensen
zo zwaar is hun vracht
In tunnels en bergen, als reuzen en dwergen
bij dag en bij nacht
Langs dorpen en steden, waar ze ook reden
werd op hen gewacht
Op de grote lijnen rijden steeds treinen
op volle kracht

Op zijsporen wachten hen veel koude nachten
de roest in hun bot
Moe van veel reizen rusten zij peinzend
aan hun droevig lot
Tot ze verdwijnen onder wat zeilen
in een berging vol stof
denkend aan tijden van rusteloos rijden
door iedere bocht

Op de grote lijnen zijn nieuwe treinen
altijd onderweg
langs sporen en seinen, ze zullen verdwijnen
één stip en dan weg ………